inner

Wat is de ziekte CLN2?

CLN2 is een genetische ziekte

CLN2 is een zeldzame genetische aandoening die kinderen treft.1,2 De ziekte CLN2 is:

  • Vernoemd naar het CLN2/TPP1-gen, dat gemuteerd (abnormaal) is bij de ziekte CLN22
  • Een van de meest voorkomende vormen van neuronale ceroïde lipofuscinose (NCL)2
    • NCL's zijn een groep erfelijke aandoeningen die gezamenlijk bekend staan als de ziekte van Batten3
  • Voorheen was de ziekte bekend onder de naam laat-infantiele NCL, omdat bij de meeste kinderen de symptomen beginnen tussen de leeftijd van 2 en 42

De ziekte CLN2 is een erfelijke ziekte die in families wordt doorgegeven
Kinderen met de ziekte CLN2 worden met deze aandoening geboren, alhoewel het maanden of zelfs jaren kan duren voordat zij tekenen beginnen te vertonen.2


De ziekte CLN2 wordt aangeduid als een autosomaal recessieve aandoening2

  • Iedereen heeft twee exemplaren van het CLN2-gen. Bij mensen met CLN2 hebben beide erfelijke genen (één van elke ouder) mutaties2
  • Ouders van een kind met CLN2 hebben een mutatie in een van hun CLN2-genen2
  • Ouders zijn dragers van de genetische mutatie, wat betekent dat ze zelf gezond zijn, maar de mutatie kunnen doorgeven aan hun kinderen2
  • Als beide ouders de mutatie dragen en een kind krijgen, is er een2
    • kans van 25% dat het kind beide mutaties erft en CLN2 krijgt en de symptomen daarvan ervaart
    • kans van 50% dat het kind gezond is, maar dat het ook die ene mutatie voor CLN2 bij zich draagt
    • kans van 25% dat het kind geen mutatie voor CLN2 bij zich draagt en ook geen CLN2 heeft

Hoe wordt CLN2 gediagnosticeerd?

De diagnose kan worden bevestigd met genetische tests die naar een mutatie zoeken in een DNA-monster dat bij het kind is afgenomen. De CLN2-diagnose kan ook worden bevestigd door middel van een enzymtest, waarbij wordt gezocht naar lage niveaus van het TPP1-enzym.4

De ziekte CLN2 is een soort lysosomale opslagstoornis die de cellen in de hersenen aantast5

In elke cel bevinden zich lysosomen. Lysosomen bevatten enzymen die materiaal afbreken en in de cel recyclen. Een van deze enzymen wordt TPP1 genoemd.5

Het TPP1-enzym ontbreekt of werkt niet goed bij kinderen met CLN2. Wanneer dit enzym niet goed werkt, hopen zich bepaalde materialen op in de lysosomen van cellen, met name cellen in de hersenen en ogen.3,6

De ziekte CLN2 wordt geassocieerd met een ophoping van materialen in de hersencellen3,6

CLN2 disease lysosomal storage disorder cell graphic
CLN2 disease lysosomal storage disorder cell graphic

Na verloop van tijd gaat deze ophoping gepaard met beschadiging van de cellen in de hersenen en de ogen, en stoppen deze met normaal te functioneren. In dit geval treden de symptomen van de CLN2-ziekte op (bijvoorbeeld vertraging in de taalontwikkeling, aanvallen en visuele beperkingen).3

Wanneer treden de symptomen van CLN2 meestal op?

De symptomen van CLN2 worden gewoonlijk slechter in de loop der tijd en bestaan uit het volgende:2,5,7-11

BDSRA logo
BDSRA logo

De BDFA heeft als doel ondersteuning te bieden, het bewustzijn te vergroten en onderzoek naar mogelijke therapieën en uiteindelijk een geneeswijze te financieren.

Bezoek de website van de Batten Disease Family Association (BDFA) om meer te weten te komen over de ondersteuning die zij bieden en hun activiteiten ›

Belangrijkste bronnen
  1. Kohlschütter A, Schulz A. CLN2 disease (classic late infantile neuronal ceroid lipofuscinosis). Pediatr Endocrinol Rev. 2016;13(Suppl 1):682-688.
  2. Mole SE, Williams RE. Neuronal ceroid-lipofuscinoses. 2001 Oct 10 [Updated 2013 Aug 1]. In: Pagon RA, et al., eds. GeneReviews®.
  3. Haltia M. The neuronal ceroid-lipofuscinoses: from past to present. Biochim Biophys Acta. 2006;1762:850-856.
  4. Fietz M et al. Diagnosis of neuronal ceroid lipofuscinosis type 2 (CLN2 disease): Expert recommendations for early detection and laboratory diagnosis. Mol Genet Metab. 2016;119:160-167.
  5. Mole SE et al. Correlations between genotype, ultrastructural morphology and clinical phenotype in the neuronal ceroid lipofuscinoses. Neurogenetics. 2005;6:107-126.
  6. Schulz A et al. NCL diseases–clinical perspectives. Biochim Biophys Acta. 2013;1832:1801-1806.
  7. Chang M et al. CLN2. In: Mole S, Williams R, and Goebel H, eds. The neuronal ceroid lipofuscinoses (Batten Disease). 2nd ed. Oxford, United Kingdom: Oxford University Press; 2011:80–109.
  8. Pérez-Poyato MS et al. Late infantile neuronal ceroid lipofuscinosis: mutations in the CLN2 gene and clinical course in Spanish patients. J Child Neurol. 2013;28:470–478.
  9. Worgall S et al. Treatment of late infantile neuronal ceroid lipofuscinosis by CNS administration of a serotype 2 adeno-associated virus expressing CLN2 cDNA. Hum Gene Ther. 2008;19:463–474.
  10. Steinfeld R et al. Late infantile neuronal ceroid lipofuscinosis: quantitative description of the clinical course in patients with CLN2 mutations. Am J Med Genet. 2002;112:347–354.
  11. Nickel M et al. Disease characteristics and progression in patients with late-infantile neuronal ceroid lipofuscinosis type 2 (CLN2) disease: an observational cohort study. Lancet Child Adolesc Health. 2018;2:582-590.